Protestants-Evangelische
Kerk Boechout

Binnenkort is het Pinksteren, het feest waarbij we de gave van de Heilige Geest gedenken. In lied 841 gaat het over ‘de vruchten van de Geest’. Over de werking van de Geest wordt in kerken heel verschillend gedacht. Ons type kerk wordt vaak verweten te weinig ‘be-Geest-erd’ te zijn, te weinig gedreven, te intellectualistisch. De Geest spat er niet genoeg van af.

Maar hoe moet ‘begeestering’ zich dan uiten? In het brede spectrum van ‘geestesuitingen’ vind je aan het ene uiterste extreme pinkstergroepen: een leerling vertelde me eens dat in de gemeente waar haar moeder kerkte, de voorganger met zijn preek niet verder kwam dan 2 of 3 zinnen want dadelijk begon iedereen ‘begeesterd’ in lange rijen door de kerk te dansen, luid halleluja zingend. Daar zouden wij maar raar bij staan kijken, maar die mensen voelen zich waarschijnlijk door de Geest aangegrepen. Spreken in tongen is daarbij ook vaak heel gebruikelijk. En wonderen horen er natuurlijk ook bij.

Aan het andere uiterste staan sommige groepen quakers: hun samenkomsten verlopen vaak in stilzwijgen, wachtend tot Gods Geest doorheen het ‘innerlijk licht’ tot één van de leden spreekt, die die boodschap dan doorgeeft aan de gemeenschap. Zo was er eind achttiende eeuw een Amerikaanse quaker die tijdens zo’n stilzwijgende eredienst opstond en zei dat Gods Geest hem zei dat hij zijn slaven vrijheid moest schenken en dat christenen zich moesten verzetten tegen slavernij en dat zij ook hun slaven vrij moesten laten. Door Gods Geest was hij tot dat inzicht gekomen, terwijl iedereen in die tijd, helaas vaak zelfs met zogenaamde Bijbelse argumenten, het houden van slaven heel normaal vond. Uiteindelijk leidde zijn actie tot de wet op de afschaffing van de slavernij in de VS. Al eerder waren het in Engeland ook quakers, die het voortouw hadden genomen in acties tegen de slavernij. Over deze en andere acties van de quakers kan men lezen in de prachtige 4-delige romanreeks van Jan de Hartog, zelf quaker: ‘Het Koninkrijk van de Vrede’.

In het lied waar de titel van dit stukje naar verwijst, staan ‘vruchten van de Geest’ opgesomd: liefde en vreugde, vrede en geduld, ‘goedertierenheid’, geloof om te geven, leven in verwondering en ‘lankmoedigheid’.

Goedertierenheid en lankmoedigheid, twee ouderwetse woorden, die we alleen nog maar in kerkelijk taalgebruik kennen. ‘Goedertieren’ omschrijft van Dale als een goede manier van leven en doen, zachtzinnig. ‘Lankmoedig’ betekent: niet snel verstoord, veel kunnen verdragen, toegevend.

Als we zo leven, werkt Gods Pinkstergeest door ons. Goede vruchten van de Geest, dat moet vooral duidelijk worden in onze manier van leven.